U bent hier: Home / Vriendelijk orde houden / Blog: de lerende docent / Blogs / Blog #9 Vertrouwen – een positief bericht uit het onderwijs

Blog #9 Vertrouwen – een positief bericht uit het onderwijs

Jan Terlouw sprak in DWDD over vertrouwen dat verloren is gegaan. Net als in de politiek staat ook in het onderwijs vertrouwen onder druk. Het is niet vanzelfsprekend dat docenten en leerlingen elkaar vertrouwen. Graag stel ik u op de hoogte van nieuwe ontwikkelingen waarbij het mogelijk is om in het onderwijs te werken aan herstel van vertrouwen.
De afgelopen 37 jaar heb als muziekleraar mijn passie voor muziek willen delen met mijn leerlingen. Om dat voor elkaar te krijgen zijn mijn lessen er steeds anders uit gaan zien. Uiteindelijk kwam ik uit op deze formule: eerst 30 minuten zelfstandig werken dan 20 minuten samen muziek maken.
Graag vertel ik u hoe het vertrouwen in elkaar weer vanzelfsprekend is geworden in mijn lessen.
Zelfstandig werken 
Aan het begin van elk blok van acht lessen vraag ik de leerlingen uit een lijst van 25 onderwerpen een keuze te maken. Om hen op weg te helpen, werk ik met assessments. Daarbij stel ik hen elke acht weken drie vragen: Wat wil je leren? Wat kun je al? Hoe ga je je leerproces aanpakken? Ik vertrouw erop dat mijn leerlingen zelf weten wat ze willen leren.
Per onderwerp zet ik op internet aanwijzingen klaar. Die aanwijzingen bestaan uit concrete oefeningen en doorverwijzingen naar sites waar ze nog veel meer kunnen leren. 
Na deze acht weken evalueren de leerlingen wat er van hun plan terecht is gekomen en kiezen ze een nieuw onderwerp. Tijdens het zelfstandig werken heb ik twee verschillende rollen: die van helpende hand en die van een docent die bijstuurt. Om nu voor iedereen duidelijk te maken welke rol ik precies speel, draag ik bij het bijsturen een geel hesje dat ook wel gebruikt wordt bij pech op de weg. Zo ontstaat een veilige omgeving en komt iedereen tot zijn recht.
Samen muziek maken
In de laatste twintig minuten van de les maken we samen muziek. Ik begin dit deel van de les met zelf te dirigeren. Daarna vraag ik wie van de leerlingen wil dirigeren. Daar is veel animo voor. Ook als leerlingen dirigeren is de hele klas aandachtig. Als ik een klas toevertrouw aan een leerling die dirigeert, ben ik één van de muzikanten. Goede muzikanten weten wat ze aan elkaar hebben en vertrouwen elkaar. Als de klas samen goed muziek kan maken, dan moet er vertrouwen zijn. Als het niet lukt om samen te spelen en men is ongeconcentreerd en onrustig, dan weet ik wat mij te doen staat: Ik vraag met gebaren om stilte en geef slechts drie aanwijzingen ter voorkoming van verstoringen. Bij de vierde verstoring vraag ik de leerling een reflectieverslag te schrijven. In dit reflectieverslag geeft de leerling zelf aan welke oplossing er is voor de verstoring. Dit verslag levert hij/zij de volgende dag om 8.15 in. De bespreking van het verslag herstelt de band tussen mij en de leerling. Dat ze  eerder op school moeten komen om een zelf geschreven brief te bespreken zorgt ervoor dat de meeste leerlingen zich goed gedragen tijdens de les. 
 
Zowel bij zelfstandig werken als bij samen muziek maken, geef ik de leerlingen vertrouwen en verantwoordelijkheid. 
Het zelfstandig werken, zorgt ervoor dat eigen initiatieven een kans krijgen. Samen muziek maken maakt het mogelijk de verworven vaardigheden te combineren. Als iedereen samen muziek maakt en geniet van elkaars bijdrage dan kan het niet anders dan dat we elkaar vertrouwen.